Hier oefen je taalregels zonder druk. Je kijkt, klikt, kiest, sleept en ontdekt patronen. Zo leert je brein stap voor stap woorden, zinnen en regels automatisch herkennen.
Deze oefeningen helpen kinderen om snel te zien wat een woord of zinsdeel doet.
Zie één woord en kies snel: werkwoord, lidwoord of zelfstandig naamwoord.
Snel herkennenZoek alleen het doe-woord in de zin. Rustig kijken, dan klikken.
Doe-woorden vindenVraag steeds: wie of wat doet iets? Zo vind je het onderwerp.
Wie doet het?Deze spelletjes maken taal tastbaar. Kinderen oefenen regels door te sorteren, bouwen en kiezen.
Hier komen regels door elkaar. Het kind leert steeds sneller patronen herkennen.
Voor kinderen die al een beetje geoefend hebben en alles rustig door elkaar willen proberen.
Level voor level: werkwoord, onderwerp, gezegde, lijdend voorwerp en meer.
Stap voor stapWoorden en zinsdelen komen door elkaar. Jij zet ze rustig op de juiste plek.
Mix oefenenEen zachte eindronde waarin alles samenkomt: herkennen, bouwen en kiezen.
Avontuur