In woorden kunnen klinkers
kort of lang klinken.
Luister bijvoorbeeld naar
man en maan.
Eerst leren we het verschil horen.
Daarna ga je vergelijken en uiteindelijk zelf herkennen welke klank je hoort.
π±
Level 1 Β· Horen
Luisteren of een klinker kort of lang klinkt.
πΏ
Level 2 Β· Vergelijken
Woorden en klinkerklanken naast elkaar leggen.
π³
Level 3 Β· Zelf doen
Zelf herkennen, kiezen en de klank typen.
Luister naar het verschil
π Korte klank
man Β· pen Β· vis Β· bos Β· bus
π΅ Lange klank
maan Β· been Β· vier Β· boot Β· vuur
π± Level 1 Β· Horen
Vraag 1
Luisteren
Goed geoefend πΈ
Kleine reminder πΈ
Je hoeft het verschil niet meteen te horen.
Zeg het woord langzaam hardop en luister vooral naar de klinker.
Door vergelijken wordt het steeds duidelijker.