Het onderwerp vertelt wie of wat iets doet. Zoek eerst rustig het gezegde en stel daarna de vraag: wie of wat hoort daarbij?
Kies het onderwerp uit drie duidelijke antwoorden.
De zinnen worden langer en bevatten meer informatie.
Lees de zin en typ het onderwerp helemaal zelf.
Lees de zin en kies rustig wie of wat iets doet.