Het lijdend voorwerp vertelt op wie of wat de actie gericht is.
Je vindt het lijdend voorwerp door rustig deze vraag te stellen: Wie of wat + gezegde + onderwerp?
Eerst zoek je het gezegde. Daarna zoek je het onderwerp. Dan stel je de vraag waarop het lijdend voorwerp antwoord geeft.
Kijk eerst welk werkwoord of welke werkwoorden bij elkaar horen.
Vraag: wie of wat + gezegde?
Vraag daarna: wie of wat + gezegde + onderwerp?
Het antwoord op de vraag is het lijdend voorwerp.
Kijk eerst naar het gezegde en het onderwerp. Daarna stel je de vraag.
Je gaat straks in rustige levels oefenen met het lijdend voorwerp. Eerst herken je het lijdend voorwerp, daarna oefen je zelfstandiger, en aan het einde mag je het zelf toepassen.
Laten we lekker oefenen 🌿